Broek of rok…?

Zonder de indruk te willen wekken dat we nu een modeblog zijn begonnen toch even het verschil tussen jongetjes en meisjes. Waar het hoofdzakelijk het fietsen betreft althans, meer specifiek zelfs het verschillend gevormd zitvlak der seksen. Want wat voor de een goed is, hoeft dat per definitie niet te zijn voor de ander. De zitbeenderen van vrouwen zitten doorgaans verder uiteen dan bij mannen. En dan hebben we het nog niet eens over de voorkant op die hoogte, wat met betrekking tot zadelkeuze ook heel bepalend kan zijn. Ik werd hoe dan ook geïnspireerd door een advertentie op (my-guilty-pleasure) marktplaats.nl waar ik “broekzadels” zag worden aangeboden. Nou kende ik wel al rokzadels en zouden broekzadels geen onlogisch ge- of vervolg kunnen zijn. Maar het bleken dus bij nadere bestudering dus “gewoonBrooks zadels. Een geval van iets te letterlijke vertaling respectievelijk interpretatie. Naar het gerenommeerde Engelse merk dus. Welk hier terloops ook wel eens ter sprake kwam. Bijvoorbeeld in mijn eeuwigdurende zoektocht van zowat 50 jaar naar de ideale fietsfauteuil, was het destijds Brooks wat de norm was, zeker waar het leren (ace)zadels ging. Al waren er ook anderen leren zadels; uit Frankrijk Ideale en Gilles Berthoud, uit Japan een Brooks kopie van Fujita. En ja ook uit Holland zelfs, Lepper. Maar vooral die oude Brooks zadel dus, vaak met van die mooie grote koperen klinknagels op de echte raceversies.

De Engelse fabriek in lederwaren bestaat sinds  1866. Fietszadels maken ze sedert 1878. John B. Brooks ging in die tijd met ’20 pounds in his pocket’ richting Birmingham. Kwam terecht bij de fabriek die behalve lederwaren ook paardenzadels maakte. Elke dag ging hij te paard naar zijn werk, totdat zijn paard van ouderdom stierf. Niet genoeg geld op zak en de bank hebbend voor een nieuw ros, ging hij voortaan met de geleende fiets van een vriend. Dat stalen ros had een houten zadel en dat beviel hem logischerwijs niet. En zo is het gekomen. In 1962 nam Raleigh het merk over, en in 2002 was het de beurt aan het Itaiaanse Selle Royal. De lappen leer die Brooks gebruikt zijn van Engelse en Ierse koeien, die -bij leven- al gehard zijn door het klimaat. Het mag tussen de 4,8 en 5,8 millimeter dik zijn. Ik heb me laten vertellen dat voor de duurdere modellen slechts één exemplaar uit het beste deel van een koe gehaald wordt. De bewerking is heel verschillend, omdat het een levend(ig) materiaal betreft. Zonder u nodeloos met het verdere productieproces te willen vermoeien moet gezegd worden dat ze niet goedkoop zijn. Maar dat zijn die carbon planken van tegenwoordig ook niet. Ik kan aan geen enkel zadel wennen, maar heb toch met enige regelmaat (ook) wel gebruik gemaakt van echt leren zadels. Het is echter niet meer zo van deze tijd. Behalve bij ouwe l*llen, als uw scribent c.s. Ik zie jongens als Dumoulin niet zo’n ding laten monteren op hun (tegenwoordig) Cervélo.

Maar vroeger was er simpelweg niks anders dan leer, je deed het er maar mee. En dan moest zo’n ding ook nog worden ingereden. In het begin was het namelijk vanaf de fabriek knalhard, en begon pas lekker te zitten na voortdurend met slaolie of ledervet te zijn bewerkt. Waarna het weer moest worden opgerekt, omdat het juist weer te soepel (en dus langer) was geworden. Bewerkelijk dus, een dagje in de regen en je moest het toch eventjes verzorgen. Je kon het niet zo wegzetten, altijd weer werk aan de winkel. Pas in de jaren 60 werden de zadels van kunststof. Weer net iets later met een leren overtrek en een laagje foam ertussen. Cinelli was een van de eersten, en daar waar iedereen eerder Brooks moest en zou hebben, stapte men net zo makkelijk over naar het Italiaanse plastic. Dat vergde sowieso niet zo’n hoop bewerkelijk onderhoud, je kon met een gerust hart sans problem de hogedrukspuit (die pas later werd uitgevonden overigens) op loslaten. In vroeger tijden namen renners bij de overstap naar een andere, nieuwe ploeg -en dus vaak (maar niet altijd) een ander merk fiets- hun zadel mee naar de nieuwe fiets. Een goed leren zadel is derhalve best behoorlijk persoonlijk, en zo wordt het net als een vulpen iets wat naar je lijf gaat staan. Het kon een coureurs-leven lang meegaan als het moest. En je vind bij toeval nog wel eens zo’n zadel. Los of op een fraaie oude klassieke  schuurvondst. En och eigenlijk hè Dumoulin, als je er op zit zie je er niks van. Ik zou het als ik jou was toch eens overwegen, Tom…

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s